Hemdrok
Er zijn in het depot heel wat kledingstukken waar ik om allerlei redenen ‘wat mee heb’.
Soms is het een opvallend boordje, een rafelige versleten mouw of een bijzondere versiering, maar heel vaak is het een kleurige of bijzondere stof die mijn aandacht trekt. Daarom zal ik de komende tijd een paar van mijn kleurrijke favorieten laten zien.
Inv. nr. MJ.307 (eigendom van museum TwentseWelle)
Dit hemdrok uit ca. 1780-1800 is een van mijn favorieten. Met zijn rood/witte kleuren valt hij op tussen de donkere werkjakken en vestjasjes en als ik hem zie ben ik altijd blij dat hij er nog is. Tegelijkertijd vind ik het jammer dat hij nooit te zien is in een tentoonstelling.
Dit kledingstuk is gemaakt van een stevig geweven katoenen stof in een witte ondergrond met roze banen en roze stermotieven.
In eerste instantie trok vooral de stof mij aan, maar nadat TwentseWelle collectiebeheerder Astrid Hage en streekdrachtdeskundige Wielent Harms mij allerlei bijzonderheden hierover vertelden, kwam het kledingstuk ineens tot leven.
Inv. nr. MJ.307: Detailfoto van de naden van de voering.
Dit hemdrok is gemaakt in een periode dat er nog geen naaimachines bestonden (die kwamen pas rond 1850), en hij is dus helemaal handgemaakt. Elke naad, elke zoom en elk knoopsgat is met de hand genaaid met regelmatige kleine steekjes. Dat moet een tijdrovende klus zijn geweest. Ook de naden in de voering zijn heel regelmatig vastgezet, net zoals de doorgestikte randen aan de buitenzijde. Ik vond het lastig om deze naden met kleine steken goed te fotograferen, maar ik hoop dat het door photoshoppen uiteindelijk toch goed te zien is.
Inv. nr. MJ.307: knoopsgat
Nog zoiets moois: kijk eens naar die knoopsgaten. Ze zijn allemaal met de hand gefestonneerd en alle steken zijn op gelijke afstand.
Inv. nr. MJ.307: ‘garen knopen’
Waar ik echt van ga watertanden zijn de volledig handgemaakte knopen, de zogenaamde ‘garen knopen’. Zijn ze niet prachtig? Er zitten maar liefst 16 knopen op het voorpand en nog 1 knoop op iedere mouw. Het maken van zo’n knoop is bewerkelijk en tijdrovend en helaas een bijna verloren gegaan ambacht. Het houten binnenwerk (gieben genoemd, die door een houtbewerker gedraaid worden) wordt eerst natgemaakt om te voorkomen dat het garen gaat schuiven, daarna wordt het garen er in twee kleuren omheen gewonden. Niet iedere wol is hiervoor geschikt, sajetwol is het beste, maar de ouderwetse kaartjeswol of stopwol voldoen ook. Tot op de dag van vandaag worden dit soort knopen nog gemaakt door een dame uit Rouveen, op verzoek ook in andere kleurstellingen en formaten.
Deze knopen hebben het traditionele stermotief dat vooral in de 18e eeuw werd toegepast. Veel hemdrokken werden in die periode gemaakt van effen of gestreepte of gebloemde damasten stof en daar zaten knopen met dit stermotief op. Kijk maar op deze link.
Het sterpatroon in de stof en de ster in de knoop versterken elkaar, dat vind ik een mooi gevonden combinatie van de (kleer)maker.
Een leuk weetje: dit hemdrok kan zowel linksom als rechtsom worden dichtgeknoopt, zonder dat het er anders uitziet. Bij het fotograferen ontdekte ik toevallig dat het niet uitmaakt hoe ik het dichtknoopt en Wielent Harms vertelde me dat dit gebruikelijk was bij dergelijke hemdrokken. In de 18e eeuw hadden hemdrokken altijd 1 rij knopen, maar vanaf 1760/1770 kwam de dubbele knoopsluiting, waarmee je dus ‘links over rechts’ alsook ‘rechts over links’ kunt sluiten, in zwang.
Inv. nr. MJ.307: open oksel
Er is nog iets wonderlijks aan dit hemdrok te zien: het heeft gaten onder de oksels. In die tijd was het mode om de mouwen strak en rond te snijden, je kunt op de 1e foto goed zien dat de mouwen als vanzelf in een bochtje staan. In zo’n krappe mouw had je weinig armslag, daarom zaten de mouwen alleen aan de bovenzijde vast aan het voor- en achterpand. De onderste helft zat los en was open. Deze onderste helft is erg netjes afgewerkt, het is op de foto niet goed te zien, maar de voering is ook hier weer keurig aan de stof vastgezet. Dit okselgat ziet er zo netjes uit, ik snap niet hoe ze dat met de hand voor elkaar hebben gekregen. Zo’n okselgat was gelukkig geen koud tochtgat, want men droeg er nog iets onder.
Meer interessante feiten:
Dit hemdrok komt uit West-Friesland, omgeving Spanbroek, maar dergelijke hemdrokken werden ook in Twente gedragen, zowel dit model als het stofpatroon. Een kleine correctie voor degenen die het TwentseWelle magazine van eind september hebben gelezen: dit kledingstuk is NIET gedragen door een vrouw. Dit staat weliswaar in de objectadministratie van het museum, maar Wielent Harms vertelde mij dat dit kledingstuk is gemaakt voor en gedragen door een jong volwassen man (het lijfje en de armen zijn erg lang, terwijl het lijfje een krappe omtrek heeft).
Dit soort hemdrokken van bijzondere stof werden op zondag gedragen, over een onderhemdrok van effen katoen of linnen. Vervolgens werd er een jas over het hemdrok gedragen, in de zomer een korte jas (camisol) en in de winter een lange jas.
Hemdrokken werden in de broek of over de broek gedragen, dit verschilde per streek en tijdsperiode. Bovenstaand exemplaar werd in de kuit- of kniebroek gedragen, dat is te zien aan de knopenrijen die eindigen op taillehoogte. Op de broek droeg men een horloge of andere zilverwerk versieringen en daaronder strakke gebreide kousen. De bovenste knopen van een hemdrok werden vaak losgelaten waardoor de 2 punten konden worden teruggeslagen. Hierdoor ontstond ruimte voor de halsdoek die men altijd droeg en waren meteen de mooie knopen van het onderhemd goed zichtbaar.
Voor degenen die nu enthousiast zijn geworden en meer willen zien: op de website van het Geheugen van Nederland kun je met de zoekwoorden ‘hemdrok’ en ‘oksels’ nog veel meer moois zien. En bij het bekijken van ‘garen knopen’ kun je zien dat er nog andere (ster)patronen zijn van handgemaakt knopen.
Wie meer wil weten over Overijsselse Streekdrachten kan ik het volgende boek aanraden:
Overijsselse Streekdrachten, weerspiegelingen van voorbije mode uit 2008. Auteur: Wielent Harms.
Uitgave van de IJsselacademie i.s.m. TwentseWelle. ISBN nr. 978-90-6697-191-2.
Dit boek is een standaard werk over Overijsselse streekdracht, er is vele jaren aan gewerkt en bevat onvoorstelbaar veel informatie.
Met dank aan Wielent Harms voor zijn vakkennis, hulp en uitleg over dit hemdrok.
Christine van der Heide
21 oktober 2011
Het zou leuk zijn om een keer een workshop garen knopen maken te organiseren! Ze zien er prachtig uit!
Dianne Nieuwland
28 oktober 2011
M.b.t. de 'garen knopen' heb ik nieuws: iedere zomer in juli/augustus zijn er de "Staphorstdagen" waar o.a. diverse demonstraties worden gegeven, ook van het maken van garen knopen. www.stichtingstaphorst.nl.
Mocht je niet zo lang kunnen wachten: laat het me weten, wie weet kan ik wat organiseren als er genoeg belangstellenden zijn.